Blog

Wereld diabetesdag 2019

Werelddiabetesdag

Op 14 november werd diabetes wereldwijd in de kijker geplaatst.  Een jaarlijkse must, zo vind ik.

Deze blog probeert dan ook deze dag/week aan te grijpen om de ziekte diabetes in de kijker te plaatsen: als een soort van verhoging van de alertheid rond de ziekte of een reminder om mensen eraan te herinneren dat de prevalentie van diabetes jaar na jaar toeneemt maar dat we wel degelijk kunnen vermijden om diabetes te ontwikkelen.

Weet jij wie kans maakt om diabetes type 2 te hebben?

Volgende mensen lopen in elk geval een verhoogd risico:

  • mensen met een leeftijd >45 jaar
  • in de familie komt diabetes voor
  • zwaarlijvige (BMI >25 kg/m2)- of obese (BMI >30 kg/m2) mensen
  • er is een verhoogde buikomtrek:
    • mannen
      • <94 cm =  OK
      • 94-102cm = opgepast!
      • >102 cm = gevaarlijk
    • vrouwen
      • <80 cm = OK
      • 80-88cm = opgepast!
      • >88 cm = gevaarlijk
  • er is weinig lichaamsbeweging = minder dan 30′ per dag
  • je eet niet gezond
    • veel suikerrijke voeding zoals frisdranken, snoepgoed, gebak
    • weinig plantaardige voedingsmiddelen
    • te veel dierlijke voedingsmiddelen zoals boter, room, vlees
    • weinig water
    • weinig vezels en mineralen
  • er is medicatiegebruik zoals bv. cortisone
  • je maakte eerder zwangerschapsdiabetes mee

Symptomen van teveel suiker in je bloed zijn:

  • Droge mond/tong
  • Dorst
  • Veel drinken
  • Veel plassen
  • Slaperigheid en moeheid
  • Wazig zien

Wil je (nog) méér weten over diabetes, kom dan zondag, 17 november naar Avelgem.  Naar jaarlijkse gewoonte organiseren verschillende lokale afdelingen van de Diabetes Liga er een wandeling. Bijzonder aan de wandeling is dat er een infobeurs over diabetes aan wordt gekoppeld. Er zijn standen van huisartsen, educatoren, apothekers, diëtisten en podologen.     Je kan me alvast vinden bij de stand van de educatoren.  Ik geef je er met plezier meer informatie en een antwoord op jouw vragen.

Er zit ‘beweging’ in onze levensstijl

Eén jaar na de lancering van de nieuwe voedings-en bewegingsdriehoek en bij het aanhoren van het startschot van de Europese week van de sport concludeert het Vlaams Instituut Gezond Leven dat bijna 3/4 Vlamingen meer wil bewegen of minder lang stilzitten en dat 2/3 Vlamingen gezonder of minder wil gaan eten.

Een sedentaire levensstijl is bijzonder ongezond

We zitten met z’n allen gemiddeld maar liefst 8,3 u per dag.  Jongeren nog net iets meer, namelijk 9,5 u en kleuters 6 u. Meer dan 8 u per dag stilzitten beschouwen wetenschappers als schadelijk voor de gezondheid en het remt de  levensverwachting.  Het is zelf bewezen dat wie meer dan 5u per dag zit, 2 tot 3 jaar vroeger sterft!  En die weg naar dat einde verloopt vrij zwaar.  Ja, zwaar, dat mag je letterlijk nemen: 1 op 2 volwassen Vlamingen heeft overgewicht, dat is 1 op 10 Vlaamse jongeren.  1 op 7 volwassenen en 1 op 16 Vlaamse jongeren is obees.                                       Een Europese studie bij 120 000 mensen heeft kunnen aantonen dat de kans dat je vroeger een ziekte krijgt zoals bv. kanker, diabetes, hart-en vaatziekten (hartinfarct, strokes) enz. een pak groter is bij overgewicht.

Het is niet enkel je gewicht dat een rol speelt voor je gezondheid.  Ook de verhouding van je gewicht tot je lengte speelt een rol. Dit wordt BMI of body mass index genoemd.  Maar wanneer heb je nu overgewicht?  En wanneer ben je obees?

Een ‘normaal’ lichaamsgewicht heb je bij een BMI tussen 18,5-24,9 kg/m2.   We spreken dus van overgewicht vanaf een BMI van 25 kg/m2.  Obesitas komt voor vanaf 30 kg/m2 en dan wordt er nog een onderscheid gemaakt volgens het gezondheidsrisico.  Graad 1 of matige obesitas wordt genoemd tussen 30-34,9 kg/m2. Graad 2 of ernstige obesitas treedt op bij een BMI vanaf 35 en onder 40 kg/m2.  Je bent extreem obees (graad 3 gezondheidsrisico) bij een BMI boven de 40 kg/m2, een tikkende tijdsbom met andere woorden.  Als diabeteseducator spreek ik mijn patiënten reeds aan bij overgewicht, maar een overduidelijk signaal wil ik geven door aan de alarmbel te trekken vanaf een BMI van 30 kg/m2.

Maar ook de verdeling van het lichaamsvet speelt een uitermate belangrijke rol.  Opstapeling van vet ter hoogte van de buik is het gevaarlijkst in vergelijking met vetopstapeling elders in het lichaam. Waarom? Omdat bij deze vorm de kans op het ontstaan van ziekten het grootst is.  We maken een onderscheid tussen mannen en vrouwen.  Een ideale buikomtrek bij vrouwen is er één onder 80 cm.  Een acceptabele buikomtrek is tussen 80 en 88 cm.  Boven de 88 cm is ongezond. Mannen hebben iets meer ‘marge’. Het is gezond om als man een buikomtrek van onder 94 cm te hebben.  Het (hij) ‘kan er nog mee door’ bij een omtrek tussen 94 en 102 cm.  Boven 102 cm is het onaanvaardbaar.

Hoog tijd om er iets aan te doen: hef je gat op en beweeg!  De officiële aanbeveling is minimum elke 30 minuten even rechtstaan. En als je wat meer wil bewegen, hoef je daarbij niet onmiddellijk aan topsport te doen. 30′ beweging per dag als volwassene en 60′ per dag als kind is reeds goed voor ons. Bewegen zoals de trap nemen ipv de lift, het huishouden, gras afrijden zijn goede voorbeelden.  Een licht verhoogde hartslag en ademhaling dat is alles.  Bekijk je voedingsgewoontes ook ‘s.  Een goede leidraad is de actieve voedingsdriehoek.  Bekijk hiervoor mijn blog ‘de voedingsdriehoek’.

Conclusie:  een gezonde leefstijl zorgt voor aanzienlijke gezondheidswinsten.  Dat kan je alleen bereiken via een combinatie van én minder zitten én meer beweging én gezonde voeding.

Succes alvast.  Het ‘ga je goed’! 🙂

Nonsense en common sense over koolhydraten

Over koolhydraten doen heel wat onterechte geruchten de ronde.

Koolhydraten zijn onze belangrijkste energieleveranciers en ‘brood’nodig voor de werking van spieren en hersenen. Afhankelijk van leeftijd, fysieke inspanning, geslacht, enz. zouden koolhydraten bij gezonde mensen in principe 50 tot 60% van de totale energiebehoefte moeten dekken.

De beste keuze zijn voedingsmiddelen die naast koolhydraten ook vezels, vitaminen en mineralen bevatten. Aardappelen en volkoren graanproducten, bruine rijst, volkoren bulgur (gekookte tarwevlokken) en quinoa, groenten en peulvruchten zijn hier mooie voorbeelden van. Volle graanproducten zouden beschermen tegen darmkanker en mogelijk tegen diabetes type 2 en hart-en vaatziekten.

Volkoren brood is een bron van eiwitten, kalium, ijzer, magnesium, zink, niacine (vitamine B3), foliumzuur en rijk aan vitamine B1, koper en fosfor.  

Volgens het Vlaams Instituut voor Gezond Leven is er geen wetenschappelijk bewijs dat gekookte aardappelen slecht zijn voor de gezondheid en sommige aandoeningen zoals diabetes zou bevorderen.  Daarom kregen gekookte aardappelen in de nieuwe voedingsdriehoek een plaats in de donkergroene zone (voedingsmiddelen van plantaardige oorsprong) omdat ze een gunstig effect hebben op de gezondheid.  Daarenboven zijn aardappelen geschikt voor personen die geen gluten mogen (coeliakie).  Bulgur, couscous bevatten tarwe en zijn niet geschikt voor personen met glutonintolerantie.

Gekookte aardappelen zijn een boede bron van vitamine C, B6 en kalium en bevatten geen vet.

Regelmatig gefrituurde aardappelproducten eten, houdt mogelijks een verhoogd risico in op diabetes, obesitas en hart-en vaatziekten.  Uiteraard spelen ook andere leeftstijlfactoren een rol.

Een portie van 200 g frieten  brengt drie à vier keer meer energie aan dan 200g gekookte aardappelen.

De Belg eet gemiddeld te weinig aardappelen of alternatieven zoals deegwaren en rijst, zo’n 138g wat een derde minder is dan tien jaar geleden.  200g aardappelen is een vrij normale portie.  1 aardappel van 70 g komt overeen met ongeveer 40 g gekookte rijst of deegwaren (15 g ongekookt).  Met 200g gekookte rijst of deegwaren is behoorlijk veel en zit je al snel  aan 260 kilocalorieën. 

Aardappelen vervangen echter geen groenten.  Peulvruchten zoals kikkererwten, linzen, soja- witte en bruine bonen bevatten heel wat koolhydraten en zijn rijk aan eiwitten, waardoor het waardige plantaardige vleesvervangers zijn.

En ook hier herhaal ik dat we best alles eten met mate.  De portiegrootte en de verhoudingen doen er zeer zeker toe! Een gezonde warme maaltijd bestaat uit 1/4 vlees, vis of vleesvervangers, 1/4 aardappelen of alternatief en maar liefst 1/2 groenten.  En bij het neigen naar 1/5 portie aardappelen en 55% groenten ipv 50% zeg ik uiteraard geen neen!  Groenten mag je trouwens à volonté eten en hiermee behoud je toch nog je gehalte aan gezonde koolhydraten.  Een goed alternatief kan bv. zijn om de hoeveelheid pasta of rijst te verminderen door deze te vervangen door courgetti (courgetteslierten), bloemkool- of broccolirijst.  Pastinaak-of wortelfrietjes kunnen aardappelfrieten vervangen.  In aardappelpuree kan het aandeel van groenten worden verhoogd.  En in de plaats van steeds te grijpen naar een koekje of frisdrank als tussendoortje kunnen noten of olijven als tussendoortje ingeschakeld worden.

Vetten hebben we nodig #werelddiabetesdag

14 november : werelddiabetesdag.

Maar al te vaak hoor ik dat diabetes een ‘suikerziekte’ is en dus gelijk staat aan het bannen van suikers.  Dit is slechts ten dele waar.  Het is veel méér dan dat.  Ook onder andere vetten spelen een primordiale rol.  Net daarom wijd ik mijn blog aan deze voedingsstof.

Wist je dat we zowel koolhydraten, eiwitten als vetten nodig hebben?  Onze energie halen we verhoudingsgewijs uit:

  • 60 % koolhydraten
  • 30 % vet
  • 10-15 % eiwitten

Maar… voor wat betreft vetten is het niet gelijk welke soort vet we naar binnen werken!  Méér dan 2/3 (dus > 20 %) zou uit onverzadigd vet moeten bestaan.  Slechts 1/3 oftewel max. 10 % is verzadigd.  Onverzadigde vetten zijn ‘minder ongezond’ dan verzadigde vetten, maar het blijft steeds met mate consumeren.  Een handig trucje om beiden uit elkaar te halen, is: O in onverzadigd is OK. De V in verzadigd is Verkeerd. Slechts 1% (2-3 gram) zou transvet mogen zijn.

Vetten hebben een zekere impact op ons cholesterolgehalte. Zowel verzadigde vetten als transvetten verhogen de ‘slechte’ LDL-cholesterol en verlagen de ‘goede’ HDL-cholesterol. Echter transvetten hebben een nog schadelijker effect op ons cholesterolgehalte dan verzadigde vetten.

Voor elke  4 tot 5 gram transvet die je dagelijks eet, stijgt je risico op hart-en vaatziekten met een kwart

Transvetten komen van nature voor in onder meer melk en vlees van herkauwers.
Volle melk bevat 0,1 gram transvet per 100 milliliter, rundvlees 0,4 gram per 100 gram.

Maar ook industrieel transvet bestaat.  Die zit vervat in harde margarines, koekjes, gebak en snacks.  Margarines bevatten minder dan 1 gram transvet per 100 gram.  Roomboter bevat 1,5 gram transvet per 100 gram.

Koeken bevatten tussen 0 en 3 gram transvet per 100 gram.

Transvet staat vaak als ‘plantaardig vet, gedeeltelijk gehard’ of ‘gehydrogeneerd vet’ op de verpakking

28 gram verzadigd vet zit onder meer in 400 gram rundsgehakt of 50 gram boter of 2 chocoladekoeken.  

Ook al zijn plantaardige oliën beter dan dierlijke producten, toch is het belangrijk te weten dat kokos-en palmvet absoluut van het menu geschrapt moeten worden omwille van hun groot gehalte aan verzadigd vet.

Let op bij verhitting van vetten!

Hoe sterker (meervoudig) onverzadigd een olie is, hoe minder geschikt voor verhitting.  Frituren en bakken in oliën rijk aan omega 3-vetzuren zoals lijnzaad-, koolzaad-, walnoot- en sojaolie is geen goed idee.  Olijfolie is dan een betere keuze door het hoge gehalte aan enkelvoudig onverzadigde vetzuren.  Ook maïs-en zonnebloemolie mag je verhitten.

Ook de plaats waar je vet opslaat, is heel belangrijk.

Vetweefsel, en voornamelijk het onderhuids vetweefsel, heeft een beperkte opslagcapaciteit.  Wanneer we deze capaciteit overschrijden zullen vetzuren zich ter hoogte van andere organen in het lichaam gaan opstapelen: lever, pancreas, hart en spieren.  Het is vooral deze vorm van vetopstapeling die erg ongunstig is.  De vetzuren zullen tal van processen verstoren, wat aanleiding kan geven tot complicaties in het metabolisme van deze weefsels.  Vooral ter hoogte van de spieren leidt dit in vele gevallen tot de ontwikkeling van insulineresistentie, wat de suikerspiegel in het bloed geleidelijk doet toenemen.  Een mogelijk gevolg hiervan is type 2 diabetes.

De soort vetopstapeling kan je ook op het eerste gezicht van iemands lichaam afleiden.  Er bestaan peervormen en appelvormen.  Een appelvorm is veel schadelijker dan een peervorm omdat het (visceraal) vet zich net concentreert rond de organen.

Om dat vet kwijt te raken, is het heel belangrijk om te vermageren.

Het belang van onze darmen

Onze darmen spelen een belangrijke rol in onze spijsvertering.  Ze staan in voor enerzijds de selectie van voedingsstoffen die ons lichaam nodig heeft zodoende het goed kan functioneren en anderzijds excretie van onverteerbare voedselresten of afvalstoffen.

Het opnemen van nutriënten uit onze voeding vindt grotendeels plaats in de dunne darm (duodenum of twaalfvingerige darm).  Hier worden onder meer ‘eenvoudige’ koolhydraten en eiwitten door de darmwand heen in de bloedbaan opgenomen.  Bij consumptie van teveel eiwitten kan de dunne darm deze niet allemaal verteren en komt er een deel in de dikke darm terecht, wat  ongunstig is.  De bacteriën in de dikke darm breken deze af maar er ontstaan zwavel-en stikstofverbindingen (de typische geur van rotte eieren).  Deze verbindingen zijn schadelijk voor onze gezondheid.  Veel vezels eten kunnen de schadelijke afbraakproducten beperken.

Een restant kleine hoeveelheden eenvoudige koolhydraten (6-10%) en eiwitten (2-5%) vinden hun doorgang van de dunne darm naar de dikke darm.  Maar het zijn vooral de vezelsonverteerbare plantaardige koolhydraten (brood, groenten en fruit) die belanden in de dikke darm waar miljoenen bacteriën zich eraan te goed doen.  Bij de afbraak van die vezels komen er stoffen vrij die de beweging van de dikke darm stimuleren en die stoffen ontwikkelen zoals kortketenige vetzuren, die de darmwand gezond houden, een gevoel van verzadiging geven en onze glycemie reguleren.  Omdat deze vezels gunstige bacteriën stimuleren, worden ze ook ‘prebiotica’ genoemd.  Bij een vezelarm tasten de bacteriën het slijm aan dat het darmepitheel bekleedt.

‘Wie jaren leeft op een dieet van weinig vezels (te weinig fruit, groenten, granen, bruin/meergranen brood) en veel eiwitten (teveel eieren, rood vlees, vis, bonen) , verhoogt waarschijnlijk het risico op diabetes, hart-en vaatziekten en kanker.’

Onze darmbacteriën zijn dus onze bondgenoten, zolang we ze goed voeden!

Wat met probiotica, de gezonde bacteriën verkrijgbaar in flesjes en pakken yoghurt?  

Suikers, voornamelijk geraffineerde suikers en antibiotica zorgen ervoor dat slechte bacteriën de bovenhand nemen met bepaalde negatieve gevolgen zoals bv. vorming van schimmels.  De probiotica lijken het risico te verkleinen dat schadelijke bacteriën de overhand krijgen.

PDS of prikkelbaredarmsyndroom of IBS of Irritable Bowelsyndroom of spastisch colon

Prebiotica is echter niet voor iedereen even gunstig.  Mensen die lijden aan PDS of prikkelbaredarmsyndroom zien zich net genoodzaakt vezels zoveel mogelijk te mijden.  Bij de afbraak in de dikke darm ontstaan meer gassen doordat hun darmwand gevoeliger en mogelijks zelfs beschadigd is.  De dikke darm heeft namelijk veel zenuwuiteinden en een kleine verstoring door stress, langdurig medicijngebruik, infecties of verkeerde voeding resulteert in een reactie van de darm.  De samentrekkingen (peristaltiek) kan hierdoor krampachtig en onregelmatig gebeuren.  Als dit te lang of te veel optreedt, spreekt men van IBS of PDS.  Mogelijke symptomen bij IBS of PDS zijn:

  • buikpijn
  • winderigheid
  • opgeblazen gevoel
  • rommelingen
  • vaak ontlasting
  • diarree of net harde stoelgang

Deze groep is ook overgevoelig voor fermenteerbare oligosacchariden, disacchariden, monosacchariden en polyolen.  De allerbekendste is lactose.  Ook niet-westerlingen kunnen deze melksuiker niet goed afbreken en krijgen buikkrampen als ze veel zuivel eten of drinken.  Sommigen kunnen ook fructose niet afbreken.

Obstipatie

We spreken van obstipatie als je minder dan 3 keer per week naar het toilet kan gaan of als u last heeft van harde, droge ontlasting.  Vezels, voldoende water en lichaamsbeweging spelen een belangrijke rol om verstopping tegen te gaan.

Coeliakie

Coeliakie wordt veroorzaakt door een overgevoeligheid voor gluten.  Dit zijn (kleef)eiwitten die in granen zitten.  Glutenhoudende graansoorten beschadigen het slijmvlies van de dunne darm.  De darmvlokken worden vernietigd en kunnen daardoor niet genoeg enzymen meer uitscheiden voor de vertering wat als gevolg heeft dat niet alle benodigde voedingsstoffen door het lichaam worden opgenomen.  Er ontstaat zo een tekort aan o.a. vitamines en mineralen en eventueel vermagering.  De enige manier om deze klachten te voorkomen is het volgen van een levenslang strikt dieet waarin geen glutenrijke granen voorkomen.  Rijst, boekweit, gierst, quinoa bevatten geen eiwitten.

Ziekte van Crohn

De ziekte van Crohn is een chronische ontsteking van de slijmvliezen van het spijsverteringskanaal en kan van mond tot anus voorkomen.  Meestal is dit het laatste deel van de dunne darm en eerste deel van de dikke darm.

Mogelijke gevolgen van deze ontstekingen kunnen zijn dat er littekens worden gevormd wat de darmwand dikker kan maken en zo voor een vernauwing kan zorgen.  Dit kan ervoor zorgen dat voedingsstoffen minder goed worden opgenomen en vermagering en gebrek aan vitaminen en mineralen in de hand werkt.

De oorzaken van deze ziekte van Crohn zijn veelzijdig:  erfelijkheid speelt een belangrijke rol, roken, stress evenals omgevingsfactoren.  Slechte bacteriën of virussen kunnen ook een rol spelen bij het ontstaan van deze ziekten, maar er zijn ook aanwijzingen dat bij de ziekte van Crohn het verdedigingsmechanisme van ons lichaam het laat afweten.  Het eigen lichaam wordt aangevallen (auto-immuunziekte).

Wat met probiotica, de gezonde bacteriën verkrijgbaar in flesjes en pakken yoghurt?  

De enige toepassing waarvoor er relatief solide bewijs is, is het voorkomen van diarree  op reis en bij inname van antibiotica.  De probiotica lijken het risico te verkleinen dat schadelijke bacteriën de overhand krijgen.  Suikers, voornamelijk geraffineerde suikers en antibiotica daarentegen zorgen ervoor dat slechte bacteriën de bovenhand nemen met bepaalde negatieve gevolgen.  Vorming van schimmels is hier mogelijks een gevolg van.








Is er een link tussen voeding in de kinderjaren en het ontstaan van ziekten op volwassen leeftijd?

De tijd in de baarmoeder en de eerste twee levensjaren (som van 1000 dagen) zijn dé sleutelperiode voor het al dan niet ontstaan van ziekten op volwassen leeftijd.

Hoe komt dat?

Veronderstel dat je als foetus te weinig of te veel eten krijgt.  Dan word je geboren als een te magere of als een te dikke baby.
Te magere baby’s kregen in de buik van de moeder de boodschap mee dat er voedselschaarste was.  Het DNA van deze kinderen is geprogrammeerd om voor de rest van hun eigen leven spaarzaam met eten om te springen.  Eten ze te veel, dan slaan ze de calorieën op als vet, sneller dan bij iemand anders.  Een levenslang gevecht tegen zwaarlijvigheid, hoge bloeddruk en diabetes is dan een gevolg.

Bij te dikke baby’s is er een overvloed aan suiker en vet in de moederschoot, wat hun metabolisme ontregelt.  Het hongergevoel en de insulineproductie van deze baby’s raken in de war en dat nemen ze mee in hun verdere leven.  Dikke baby’s lopen bijgevolg meer risico dikke kleuters, dikke adolescenten en dikke volwassenen te worden.

Met een BMI hoger dan 35 boet je gemiddeld 8 tot 10 levensjaren in.

Je hoeft calorieën niet fanatiek te tellen, maar enig besef van het caloriegehalte van wat je consumeert is handig.
Echter gezond wil ook niet altijd zeggen ‘weinig calorieën’. Noten zijn heel calorierijk maar bevatten veel goede vetten.  100g noten bevatten 660 kcal.  Een avocado 290 kcal.
Maar ook van te veel gezond voedsel, bijvoorbeeld vette vis, olijfolie en noten, kan je dus dik worden.
Let zeker ook op met producten waarop ‘light’, ‘mager’ of ‘vetarm’ staat.  Vet wordt dan vaak vervangen door suiker.  Dit zijn 2 elementen waarop voedselproducenten op een sluwe manier inspelen omdat vet en suiker ons meer doen consumeren.  In light mayonaise zit maar liefst 6 keer meer suiker dan in gewone mayonaise.

Daarom blijft mijn leuze: eet met mate en denk aan de 3 G’s: eet gezond, gespreid en gevarieerd.

 

 








De voedingsdriehoek

Wanneer het allemaal begon: anno 1986.

Evoluties op wetenschappelijk én maatschappelijk vlak vormden de aanleiding voor een grondige herziening van de bestaande actieve voedingsdriehoek.  De bestaande driehoek was vooral bedoeld als educatieve tool voor gezondheidsprofessionals, maar voor de consument bood hij zonder bijkomende uitleg echter te weinig houvast en zette te weinig aan tot concrete acties.

Zo eventjes 30 jaar later zijn onze voedingsgewoonten nog verre van ideaal.  We eten nog te weinig groenten en fruit en andere vezelrijke voedingsmiddelen.  De gemiddelde Vlaming eet te veel overbodige producten (restgroep) en ook onze vleesconsumptie ligt nog te hoog.  Toch is de consument op vandaag meer geïnteresseerd in voeding en zich meer bewust van het belang ervan voor de gezondheid.

Al deze vaststellingen en evoluties zorgden voor een opvolger van de actieve voedingsdriehoek.  De voedingsmiddelen staan niet langer gerangschikt volgens de voedingsstoffen die ze aanbrengen, zoals eiwitten, koolhydraten en vetten maar wel volgens hun effect op onze gezondheid. Een omgekeerde driehoek (!) waarbij de basis nu breed uitgesmeerd ‘on top’ staat: een blauwe zone dat water voorstelt. Water drinken is belangrijk om de vochtbalans in stand te houden. Dit kan afgewisseld worden met verse soep, thee en koffie.
Er is een transitie naar een meer plantaardig voedingspatroon aangevuld met een matige consumptie van dierlijke producten;  groenten en fruit krijgen toppositie, samen met volle granen, peulvruchten, noten en plantaardige olie (donkergroene zone). Een handje vol noten is een goed en gezond tussendoortje en ook peulvruchten bieden tal van voordelen. Bovendien doen ze de suikerspiegel slechts langzaam stijgen.

Vervolgens kunnen de producten uit de donkergroene zone aangevuld worden met een beperkt aantal producten van dierlijke afkomst uit de lichtgroene zone: vis, gevogelte, zuivel (kaas en yoghurt) en eieren. Rood en bewerkt vlees krijgen een minder bedeelde plaats en komen in het oranje te staan. De producten in de oranje zone zijn producten die een ongunstig effect op ons lichaam hebben.  Ook boter bijvoorbeeld, alsook kokos-en palmolie (lijkt plantaardig en dus in de groene zone te zitten, maar is het niet!) en andere vetstoffen rijk aan verzadigde vetten.
Salami en filet de sax worden bijvoorbeeld als ultrabewerkt en onnodig beschouwd, en staan zelfs niet meer in de driehoek maar in een rode bol daarbuiten. Daarin staan ook frisdrank, alcohol en andere overbodige producten waaraan zout, suikers of vet toegevoegd zijn: snoep, chocolade, gebak en koeken.  

Hoe minder bewerkt, hoe beter. Neem dus beter een stuk fruit dan fruitsap en eerder een volkoren brood dan een wit brood. Het bevat bovendien meer vezels wat voor personen met diabetes ook mooi meegenomen is: de glycemische index is hierdoor lager.

Afbeeldingsresultaat voor actieve voedingsdriehoek 2017

Voeding en beweging werden in de oude driehoek samengenomen.  Nu is er ook een bewegingsdriehoek.  Die problematiseert onder andere het sedentaire leven of het lange stilzitten.  Daarnaast moet de driehoek duidelijk maken hoe vaak je aan een bepaalde intensiteit moet bewegen:

  • Licht intensief bewegen moet je dagelijks doen: denk aan de trap nemen in plaats van de lift.
  • Matig intensief bewegen kan door ’s avonds een stevige wandeling te maken.
  • Wekelijks zou je ook minstens één keer aan ene hoge intensiviteit moeten bewegen. Lees: joggen of sporten in   clubverband.

Afbeeldingsresultaat voor actieve voedingsdriehoek 2017

Voor nog meer uitleg verwijs ik u door naar de website van het VIGeZ, het Vlaams Instituut Gezond Leven of naar dit filmpje :








Alerte(re) huishoudelijke hulp bij zorgbehoevende klanten

Poetshulpen staan in voor het huishouden van een gezin met alles erop en eraan. Ook zorgbehoevendheid speelt zich veel vaker dan vroeger af in de thuisomgeving. Fysieke-, geestelijk-emotionele-, sociaal-existentiële ziektebeelden zijn hierbij niet weg te denken.

In 2017 behaalde ik mijn erkenning voor de vorming “Hoe omgaan met zorgbehoevende klanten”.  Deze erkenning werd uitgereikt door het Vlaams Opleidingsfonds Dienstencheques onder het nummer VG_E_06187.  Klik hier voor het onmiddellijke overzicht.

De vorming die ik aanbied gaat over poetshulp 2.0, waarbij de traditionele poetshulpen net dat tikkeltje meer krijgen én bieden en waarbij ze alerter en bewuster huishoudelijk werk leveren bij zorgbehoevende klanten. Het opzet van mijn vorming is met andere woorden: verder bouwen op al het goede dat reeds in deze sector aanwezig is, uitgebreid met een bewustere en alertere blik op zorgafhankelijkheid van de klant.

Mijn aanbod is opgebouwd vanuit een rijke ervaring, met gebruik van begrijpelijke taal en is gericht op het verschaffen van enkele inzichten (blikopeners), concrete tips & tricks (handvaten) en aandachtspunten zowel voor huishoudelijke hulpen als hun leidinggevenden. Het biedt een goede voorbereiding op en onderhoud van het werkleven als poetshulp.

De aangeboden kennis, attitude en vaardigheden scheppen inzicht, motivatie, zelfvertrouwen, kwaliteit, klantentevredenheid én goede reclame! Een win-win-win situatie dus voor de werknemer, werkgever én de klant.








Een motiverend en inspirerend 2017 !!

Ik wens jullie een mooi en voorspoedig 2017!
Mag dit jaar bruisen en sprankelen, met een goede gezondheid en veel geluk, zorgeloos en prachtig.

Alles start vanuit jezelf. Maar een klein duwtje van de ander kan je op de juiste weg helpen en houden.
Mijn duwtje voor de start van dit jaar vind je in onderstaand filmpje. Het helpt je om jezelf te motiveren.

Good luck!!

Slået op af Abroad Higher Study Guideline i Mandag den 11. april 2016








Prettige eindejaarsfeesten !!

Als gezondheidspromotor help ik graag mensen om gezond te blijven of hen (weer) gezond te maken.
Ik ben gepassioneerd door een gezonde levensstijl en wil mensen anders en gezonder, maar toch met smaak en goesting leren leven.
Eén pijler waarop ik mij richt is bewerking en behandeling via voetreflexologie.

Voetreflexologie laat de energie in het ganse lichaam (weer) voldoende stromen zodoende we (weer) helemaal in evenwicht zijn. Stress en spanning nemen af, pijn wordt opgeheven, mogelijke klachten verminderen, afvalstoffen worden afgedreven en bloedcirculatie bevorderd. Voetreflexologie heeft dus een positieve invloed op jouw gezondheid.

Voor wie graag een origineel Kerstcadeau wenst of het Nieuwe jaar vol nieuwe energie wil starten heb ík alvast een héél goede tip: een eerste kennismaking met voetreflexologie

Voor meer inlichtingen, vraag gerust of neem ’s een kijkje op mijn website www.asvice.be

Liefs, Anne-Sophie